Elektronen in botsing

‘Een prachtige staalkaart!’, zo typeert Gerleen Balstra, artistiek leider van Urban Contemporary (JMD), vol enthousiasme de choreografen die dit jaar aan de eindvoorstelling werken. Iván Pérez en Kader Attou bijvoorbeeld.

Traditiegetrouw dansen studenten uit de eerste drie jaren van de opleiding Urban Contemporary (JMD) samen in één avondvullende eindvoorstelling. Artistiek leider Gerleen Balstra: ‘Ook in ons onderwijs werken de eerste-, tweede- en derdejaars kriskras door elkaar. Dat vinden wij als team heel belangrijk. Het jaar waarop je een school binnenkomt is geen niveaumeting, elke student komt binnen met zijn eigen talent. In een groep van 55 leer je meer dan in drie afgebakende klassen. Een student formuleerde het heel mooi: “Je bent een elektron dat veel vaker in een botsing komt. Dat geeft meer leerkansen, motivatie en inspiratie!”

Geen attitude
Choreografen Kader Attou, Iván Pérez, Heidi Vierthaler en Sedrig Verwoert en regisseur Michiel de Regt hebben dit jaar ‘ja’ gezegd op de uitnodiging te werken met de studenten. Hoe vinden ze de kwaliteit van de studenten? ‘Ik wil niet opscheppen, maar we krijgen veel complimenten van hen’, vertelt Balstra. ‘Ze vinden onze studenten integer, gepassioneerd en enthousiast. Wat ik ook veel hoor: ze hebben geen attitude, of zoals Chris Tandy, assistent van Iván Pérez zei: “Ze staan open voor alles wat ik ze geef.” Voor ons als team is dat mooi om te horen. Het met elkaar werken en openstaan voor nieuwe danstalen zit dus echt in de cultuur van de opleiding.’

Urban taal & theatrale kracht
In de End of Year Performance 2017 wil de opleiding zich in zijn breedte en diepte laten zien. Balstra: ‘Uit de voorstelling spreekt echt het karakter van de opleiding: transdisciplinair en heel erg van nu.’
Allereerst Kader Attou. Sinds 2014 heeft het kernteam geprobeerd contact te leggen met zijn company ACCRORAP, vertelt Balstra. Dit jaar is het eindelijk gelukt hem te binden. Van zijn choreografie In the Roots wordt zo’n 20 minuten ingestudeerd. ‘Een topstuk. Ik zag het in Parijs en was verheugd: urban taal en theatrale kracht komen hier samen. Kader Attou valt voor mij in de categorie Hofesh en Sidi Larbi: gevoelige, gedreven en geïnspireerde mensen.’
Virgile Dagneaux, danser van de company, komt het werk instuderen met de groep van negen jongens. Attou zelf komt om de regie te nemen op de goede uitvoering van zijn werk.

Leven en dood
Van choreograaf Iván Pérez is een deel van Dash te zien. Pérez: ‘Dash is een onderzoek naar onderwerpen rond leven en dood. Het stuk is geïnspireerd op de documentaire Into the Abyss van Werner Herzog. We lenen bijvoorbeeld getuigenissen uit die film. Het stuk bevraagt de manier waarop we tijd waarnemen en de consequenties van onze daden. Kan de dood gerechtvaardigd worden?’
Balstra: ‘Ik ben totally in love met Pérez. Hij maakt contemporary dance, elegant, krachtig, less is more. Een mooie mix van ijle compositie en gevoel. Met heel weinig genereert hij maximale vertelkracht.’

Het werk wordt door Chris Tandy, danser en assistent van Pérez, met twaalf studenten onderzocht en vertaald. Ze geven aan het frame van het bestaande stuk een nieuwe invulling. Tandy werkt dagelijks met de studenten. Pérez zelf houdt op afstand invloed en werkt ook zelf met de studenten. Pérez: ‘Het stuk gebruikt herhaling als fundament van de compositie. Twee microfoons, een fotocamera, een oplopende soundtrack en twaalf dansers maken ook deze Dash volgens mij tot een zeer overtuigende voorstelling.’

Japanse films
Choreograaf Heidi Vierthaler werkt ieder jaar langere tijd met de derdejaars studenten aan compositie-opdrachten. Uiteindelijk evolueert het materiaal tot een choreografie. Vierthaler: ‘Mijn stuk is gemaakt in nauwe samenwerking met de dansers. Het zijn reizen door verschillende werelden. Die werelden zijn ontstaan door onderzoek en door de atmosfeer van de ruimte op het moment dat we ze creëerden. We proberen de ruimte in kaart te brengen en eindigen in situaties die scènes van een film suggereren. Ik breng ook wat films uit Japan mee die het stuk ondersteunen en die we er subtiel doorheen projecteren.’
Balstra is vol vertrouwen over het resultaat: ‘Elk jaar opnieuw zien we hier kracht en intensiteit. We vinden het heel belangrijk dat derdejaars met iemand van Heidi’s internationale kaliber kunnen werken.’

Eigenzinnig jong talent
De vierde choreograaf is Sedrig Verwoert. Ooit was hij de beste jonge danser van het jaar, nu is zijn eerste choreografie te zien. Verwoert is een oud-student van Urban Contemporary (JMD) en danste daarna anderhalf jaar bij de internationaal toonaangevende Kibbutz Contemporary Dance Company in Israël. Balstra: ‘Hij stuurde me af en toe filmpjes van zelfgemaakte duetten en improvisaties. Zo jong als hij is, pas anderhalf jaar van school, heeft hij een heel eigen signatuur. Een elegante, geplaceerde dansstaal, altijd beeldend en gevoelsgericht. Wij wilden hem graag een kans als choreograaf geven, want we zien hem als een talent op dat vlak.’

Tekstregisseur als choreograaf
Bijzonder dit jaar is de keuze voor de succesvolle toneelregisseur Michiel de Regt. Balstra: ‘Spannend om dans in handen te leggen van een tekstregisseur. Het is de eerste keer dat we dat doen. Onze opleiding staat natuurlijk voor zang, spel en dans. Vaak zie je dat choreografen minder verstand hebben van zang en taal. De Regt heeft dat juist wel. Hij gaat vanuit zijn expertise als tekstregisseur op zoek naar een dans- zang en spreektaal.’
Voor De Regt zelf is het ook een uitdaging. ‘Mijn theatertaal is de afgelopen jaren steeds preciezer geworden in de vorm. Voor mij is dat een interessant gebied, vorm die inhoud verwekt.’
Wil hij dans en toneel versmelten? ‘Nee, het gaat mij er niet om disciplines te versmelten, of per se met elkaar in aanraking te laten komen. Ik geloof in de authentieke zeggingskracht van iedere discipline op zich en hecht veel waarde aan ieders ambachtelijkheid. Tegelijkertijd heb ik als maker graag meerdere disciplines tot mijn beschikking om een verhaal te vertellen. Soms is het effectief om de inhoud in woord uit te drukken, soms kan dat beter in een beweging of een bewegingssequentie, soms in klank. Het gaat mij erom vorm te creëren vanuit inhoud en met die vorm vervolgens nieuwe inhoud te genereren.’

interview: Petra Boers

Delen